www.sailing-dulce.nl

Logboek 2019/1 Winter in Gorinchem

Gorinchem (180)

De Syrische kapperszaak op de Langendijk.
De Syrische kapperszaak op de Langendijk.

Dinsdag 12-02-2019

Een grijze ochtend waarop Anna het ijs van de voorruit van het autootje moet krabben. Het is haar vast oppasdag bij Tessa. Ik loop een paar uren later de stad in voor een bezoek aan de Marokkaanse groenteman in de Westwagenstraat. Waar het Eind overgaat in de Langendijk kijk ik omhoog, naar de eerste verdieping van het huis dat op de hoek van de Bornsteeg staat. Daar woont een stokoud echtpaar dat hier vroeger een groentezaak dreef. Nu zitten ze al jaren achter de ramen te kijken naar wat zich in de haven afspeelt. Altijd steek ik mijn hand omhoog om ze te groeten en dan zwaaien ze terug. Maar nu zit er niemand. Dat is raar. Later sta ik in de Primera-winkel in de Arkelstraat en zie dat de oude vrouw bedeesd naar me toeschuifelt. Mijn man is vannacht overleden, zegt ze, hij was 92, we waren 70 jaren bij elkaar. Een gescheurde aorta. Ik condoleer haar en ze vraagt of ik toch wel blijf zwaaien als ik langskom. Natuurlijk.

     Op de Langendijk ga ik naar de Syrische kapper (foto hierboven). Dinsdagochtend is het in de binnenstad de stilste ochtend van de week, maar hier zitten toch klanten, ik moet een halfuurtje wachten. De onderling gevoerde gesprekken zijn in het Arabisch en even waan ik me terug in de Orient, niet lang want op een groot tv-scherm staat een herhaling van DWDD op. Mijn kapper is een jong gastje dat verbazend goed en snel kan knippen. Op een of andere manier krijg ik hem altijd. Van louter plezier spint hij de schaar af en toe rond zijn geheven duim of gooit de harenkwast met een aantal salto's omhoog. Hij is van Damascus maar zijn collega naast ons komt uit Deir-es-Zor in het oosten. De stad was lang in het bezit van IS. Hij laat foto's zien van de prachtige voetgangershangbrug over de Eufraat, wanneer ik vertel  dat we daar in september 2010 geweest zijn (lees verslag hier en zie de foto van de brug hier). Er is niks meer van die brug over, zegt hij. Willen ze nog ooit terug naar Syrië? Ze halen de schouders op, de oorlog is nog lang niet over en Assad zit er nog steeds.

     Als ik buiten kom schijnt de zon. Zacht licht speelt over de haven. Bij de Bornsteeg kijk ik omhoog. Niemand achter de ramen.

 

De middag krijgt een lenteachtig karakter met door lichte bewolking gefilterd zonlicht. Enige lezers melden dat ze al wel bloeiende crocussen in de tuin hebben. Eentje ziet de narcissen al opkomen. Hier is op het grasveld bij de geometrische figuren van Winarski zelfs geen sneeuwklokje te zien. Is dat omdat het naar het noorden is gericht? Op een of andere manier lijkt alles op een aangename manier vergeefs. Of op een vergeefse manier aangenaam. Terug naar boven