www.sailing-dulce.nl

Logboek 2019/3 Zomer in Noord-Nederland

Emden

Uitvaart van Nieuwe Statenzijl, de Dollard ligt voor ons. Rechts de kiekkaaste, links het eerste groene boeitje.
Uitvaart van Nieuwe Statenzijl, de Dollard ligt voor ons. Rechts de kiekkaaste, links het eerste groene boeitje.

Dinsdag 06-08-2019

Als de wekker vanochtend afgaat schemert het nog. De zon komt juist boven Duitsland op. We liggen om 7 uur voor de sluisdeuren klaar - aan de grond. De deur schuift langzaam open terwijl ik met wat extra gas de boot naar binnen stuur. Daar hebben we 70 cm. Dat belooft wat! Hoogwater was vanmorgen om 5.21 uur; de sluismeester zei gisteren dat het om 7 uur buitengaats nog diep genoeg was, maar nu beginnen we te twijfelen. We rijzen omhoog en de man staat hoog boven ons te grijnzen. We proberen het gewoon. Dan schuift de hoge buitendeur open en strekt het waddengebied zich breed voor ons uit (foto hierboven). We motoren naar buiten met 0,3 - 0,0 meter onder de kiel. Het is er mooi; het water heeft de kleur van klei en zand. Aan stuurboord staat de kiekkaaste, een buitendijkse vogelobservatiepost. Ik richt me op de kleine groene boeien aan bakboord, die langs de rietkraag staan. Niet té dichtbij, was gisteren het advies van de sluismeester.

     Verderop buigt de geul naar bakboord af. De tijstroom is niet erg sterk. Het is nog steeds meestal 0,0 meter op de dieptemeter. De vaargeul kronkelt een paar keer dicht langs de rietkraag (foto hier). In een bocht loop ik echt vast. Vol in de achteruit trek ik ons eruit. We proberen het iets verder van de boei en lopen meteen weer vast. In gedachten zie ik ons al in de glorieuze modder zakken om scheefliggend eindeloze uren te wachten op het volgende tij. Wat een ellende! Ik krijg de boot gelukkig achteruit weer los en in wat dieper water en stuur nu juist dichtbij het groene boeitje. Dat helpt: opeens krijg ik zelfs 0,1 meter. Dus de sluismeester had ongelijk. Vanaf nu gaat het beter. We lopen niet meer vast en na een laatste kronkel langs de rietkraag buigt de geul af naar het noorden. Geleidelijk aan wordt het dieper en neemt de tijstroom toe.

     Verderop kijk op de SOG (speed over ground) van de GPS: die is 8,8 knopen. Een fikse stroom maar het leed is geleden. We komen allengs dichter bij het dichte woud van windgeneratoren en bedrijfshallen van Emden. Er ligt echter een lange dam voor, nu nog onder water, de Geise Leitdam. De geul wordt breder en buigt af naar het westen. In het zuiden zien we de Punt van Reide, een schiereiland dat ver in de Dollard uitsteekt en een restant is van het land dat hier eens was en verdronk bij overstromingen. Voor ons zien we de haveningang van Termunterzijl.

 

Om kwart voor negen zijn we in de Eemsmonding. We ronden de Leitdam die nu boven water is en krijgen nu flink de stroom tegen op de rivier. De SOG loopt terug naar 5,1 knopen. Ik vaar vlak buiten de vaargeul voor zeeschepen; scheepvaart is er overigens niet. De wind is flink aangetrokken maar ik rol de genua niet uit; ik wil hier goed overzicht houden. Aan de overkant staat het woud van windmolens dat we al die tijd op de Dollard al zagen. Verderop staan fabriekshallen van het Volkswagen Werk. Maar Volkswagen-kevers maken ze niet meer. Anna hijst het Duitse gastenvlaggetje. In de verte zijn de gebouwen en industriehavens van Emden. Er ligt een grote veerboot voor de wal (2 foto's hier).

     Het is tien uur als we de vaargeul oversteken - recht op de Duitse manier - en binnenvaren. Er zijn twee sluizen, de grote zeesluis en de kleinere Nesserlandsluis. Welke moeten we hebben? Op VHF 13 zegt men: de kleine. Even later gaat de brug omhoog en varen we achter een vrachtschip uit Rotterdam binnen (foto hier). We stijgen meters omhoog langs de modderige sluiswand. Anna moppert, de fenderhoezen zitten onder de kleverige modder. Als het vrachtschip uitvaart, wachten we even tot zijn wild malende kielzog wat rustiger wordt. In de Emster Hafen varen we verder. Voor je de stad kunt binnenvaren zijn er drie bruggen naast elkaar, waaronder twee spoorbruggen. Af en toe denderen er eindeloze wagons vol nieuwe auto's over. Anna belt het telefoonnummer dat op de voorste brug staat. Helaas we moeten twee uur wachten, deelt men mede. Die gaan we niet dobberend doorbrengen, we meren af aan een werkponton een stukje terug (foto hier) en nemen een vroege lunch. De havenpolitie vaart even langs maar zegt er niks van. De dag is eindeloos als je zo vroeg opstaat.

 

Ruim twee uur later meren we af op een mooi plekje in de Alter Binnenhafen, het stukje naast de Altstadt dat Ratsdelft heet (foto hier), niet aan de drukke stadskade met een drukbeklante viskraam en bijbehorende stank, en een hoog gebouw van de Commerzbank, maar ertegenover aan een ponton. Nieuwsgierig loop ik even de stad in. Het is overal gezellig druk, restaurants, winkels en flanerende mensen. Rondvaartboten vertrekken van het eind van de Ratsdelft. Ondanks donkere wolken blijft het droog. Emden werd door de Britten zwaar gebombardeerd tijdens de oorlog. Het centrum is helemaal opnieuw opgebouwd. We herademen na al die dagen improviseren, er is walstroom en water en vanavond gaan we lekker uit eten. We blijven in elk geval twee nachten. Grappig: hemelsbreed legden we maar een mijl of tien af en nu wanen we ons in een volkomen ander land - en dat is eigenlijk ook zo. Terug naar boven.