www.sailing-dulce.nl

Logboek 2010/2 (Fethiye>Israël)

Mersin

Onderweg naar Mersin rijden we de hele dag over 2 x driebaans snelwegen
Onderweg naar Mersin rijden we de hele dag over 2 x driebaans snelwegen

Zaterdag 31-07-2010

Vandaag 426 kilometer afgelegd. Sedert Marmaris is dat 3510 kilometer.

 

Tijdens de tocht naar Harran gisteren en ook ´s avonds tijdens het diner had ik geen last, maar de afgelopen nacht loop ik volledig leeg. Dat had ik niet meer verwacht, het zij zo. Ik ontbijt met mate. Vandaag gaat het goed met mijn darmen. Om acht uur rijden we weg. Eigenlijk jammer om Şaliurfa nu alweer te verlaten, ondanks de hitte (gisteren was het overigens 48°), er is nog zoveel dat we niet hebben kunnen zien. Met name had ik willen kijken of er nog iets rest van het kortdurende Graafschap van Edessa, een staatje gesticht door de ridders van de eerste kruistocht. Maar we moeten op tijd in Marmaris terug zijn.

 

Buiten de stad komen we op een uiterst moderne, tweemaal driebaans snelweg (foto hierboven), compleet met rustplaatsen, wegrestaurants en tolpoorten. Daar halen we gemakkelijk gemiddelden van 100 – 110 kilometer per uur. De blik gaat op oneindig. Opnieuw raak ik onder de indruk van de giga-schaal van het ZuidOost Anatolië Project. Overal is landbouw en veel hellingen en velden zijn groen, daar waar eerst niets groeide. Om kwart voor tien passeren we noordelijk langs de miljoenenstad Gaziantep. Vanaf daar zakken we geleidelijk ongeveer duizend meter naar de kustvlakte rond de stad Adana. De snelweg gaat maar door en de moyenne blijft hoog. Boven ons zweven af en toe grote witte adelaars boven de wegbermen en de velden. De uiteinden van hun vleugels zijn zwart gevorkt. Ook passeren we een veld met wel twintig foeragerende ooievaars.

 

Veel eerder dan gedacht arriveren we in de nieuwerwetse havenstad Mersin, slechts een halve eeuw geleden gebouwd om het gebied rond Adana een haven te geven. De grote bloei kwam in 1991 tijdens de Eerste Golfoorlog van pappa George Bush, toen de stad fungeerde als overslaghaven voor alle materieel dat naar Irak moest. Daarna is de bedrijvigheid in de haven weer wat ingezakt maar als we langs de boulevard rijden om die haven eens te bekijken, zien we toch grote terreinen vol met containers. Herinner je dat we aanvankelijk het plan hadden om onze boten hier weg te leggen en de tocht door het binnenland vanuit Mersin te maken. Dat was inderdaad niet zo gemakkelijk gelukt. Aan de zuidwestrand van de stad is men weliswaar druk bezig een grote marina te vestigen en er wordt druk gebouwd aan voorzieningen. Een groot project dat voorlopig nog niet af is en er ligt geen enkel jacht aan de steigers. In de westhoek van de stadhaven ligt een klein haventje voor vissers, retaurantboten en plezierjachten, maar het ziet er niet echt safe uit.

 

We vinden een hotel in de binnenstad, niet ver van de boulevard. Een overigens erg lange en grappige boulevard, omdat de gazons onder de talrijke schaduw biedende bomen vol staan met beelden en objecten – waaronder een Zaanse molen – die kunstenaars hebben gemaakt. Vele zijn tamelijk kitscherig, maar het is toch een levendig geheel. De hele stad is trouwens levendig. We zien een aantal toeristenbussen uit buurland Syrië voor de duurdere hotels staan. Ons hotel dus, Hotel Gökhan, is niet duur, beschamend goedkoop zelfs (50 Tl per kamer met ontbijt), en biedt toch schone kamers met redelijk sanitair en airco. Hier aan zee is de warmte minder dan in Şanliurfa maar wel vochtiger. Morgen verder naar het westen. Terug naar boven