www.sailing-dulce.nl

Logboek 2009/2 (Çanakkale> Odessa>Kreta)

Constanţa (2)

Langs de boulevard staat een prachtig Casino in art nouveau stijl, leeg en verwaarloosd
Langs de boulevard staat een prachtig Casino in art nouveau stijl, leeg en verwaarloosd

Woensdag 19-08-2009

Vandaag wordt mijn oudste zoon Rommert 22 jaar. Vanavond zal ik hem bellen.

 

Na een laat ontbijt lopen we de haven uit en over een brede asfaltweg, die schuin omhoog leidt naar de stad Constanţa. Het is warm, boven de 30° Een ruime boulevard loopt vanaf hier terug naar de grote zeehaven, waar we gisteren langsvoeren. Langs de boulevard zijn parken met veel beelden in de beproefde sociaal-idealistische stijl en er zijn opmerkelijke bankjes. Opmerkelijk omdat sommige een eigen zonnescherm hebben (foto hier, waar je trouwens ook het alleraardigst flodderjurkje op ziet dat Ans eergisteren kocht) Op de mooiste plek op deze landtong boven zee staat een groot wit gebouw, het hoofdkwartier van de Roemeense marine. Ernaast rijst een kleine slanke vuurtoren op uit tijd dat de stadstaat Genua deze haven bezat (foto hier) Dacht ik, maar dat blijkt fout. De toren is pas gebouwd in 1860 in opdracht van een plaatselijke handelsfirma ter ere van de Genuese kooplieden, die de stad in de 13e eeuw frequenteerden. Kijk voor de rijke geschiedenis van deze stad op Constanţa. Verderop langs de kust stuiten we op een prachtig Casino in art nouveau stijl uit 1910. Het ziet uit over zee en over de haven verderop. Maar het is dicht en in slechte staat (zie foto hierboven) Daar zou toch een mooi hotel van te maken zijn! Dan komen we langs de Petrus en Paulus kathedraal, een orthodoxe basiliek. Ervoor liggen de resten van wat muren en straten, overblijfselen van het oude Romeinse Tomis. Erachter staat het paleis van de aartsbischop, de Roemeens-orthodoxe patriarch, uit 1925. De stad doet verder ontzettend verwaarloosd en afgeleefd aan. Veel mooie panden uit de 19e eeuw zien er haveloos en vervallen uit. Dichtgetimmerde ramen, ingetrapte deuren. Sommige zijn volledig in puin, alleen de muren staan nog overeind. Ooit was het een rijke, bloeiende handelsstad, maar na de WO II en de stagnatie van de tientallen jaren in het duivelsrijk van de conducator Nicolae Ceausescu is het een treurig zootje. De val van zijn bewind eind december 1989 en de daarop volgende executie van de Leeuw van de Karpaten en zijn echtgenote, het loeder Elena, herinner ik me nog van de onvergetelijke TV-beelden. En hoe een paar dagen eerder schrik en ongeloof op zijn gezicht verschenen toen hij opeens gewaar werd dat de menigte voor zijn paleis zich niet meer liet toespreken. De vele, vaak corrupte regeringen die erna kwamen, hebben nog weinig verbetering gebracht, lijkt het. We passeren een grote moskee, min of meer verstopt achter de karkassen van oude panden. Het is de grote Mahmudiye moskee uit 1910, gebouwd in opdracht van de Roemeense koning voor de vele Turkse moslims in deze streek. Vanaf de minaret zou je een schitterend uitzicht hebben over de stad en de haven, maar het is zo drukkend warm dat we van de beklimming af zien. Aan een stoffig plein vol geparkeerde auto´s en asfalt vol gaten, staat het Nationale Archeologisch Museum. Tussen de auto´s staat een standbeeld van de Roemeinse dichter Ovidius (Publius Ovidius Naso, foto hier) die door keizer Augustus in het jaar 8 van onze jaartelling naar Tomis werd verbannen. De reden van die verbanning is nooit opgehelderd. De inscriptie op de sokkel (foto hier) is de tekst van het grafschrift dat hij schreef (uit Tristia 3.3.73-76):

  

"Hic ego qui iaceo tenerorum lusor amorum                    

Ingenio perii, Naso poeta, meo.

At tibi qui transis, ne sit grave, quisquis amasti,

Dicere: Nasonis molliter ossa cubent"

 

 

Ofwel: "Hier lig ik, Naso, speelse dichter van de liefde

          door mijn eigen dichttalent ten val gebracht.

          O voorbijganger, hebt u ooit liefgehad, moge het dan niet teveel moeite zijn

          te zeggen: beenderen van Naso, rust zacht"

 

 

(vertaling TZ)

 

Hij woonde hier tot zijn dood tien jaar later, vereenzaamd aan de rand van het Romeinse rijk tussen wat hij barbaren noemde, weggekwijnd van heimwee. Machthebbers zouden voorzichtiger met hun dichters moeten zijn. Hij werd begraven in het stadje Poiana ten noorden van Constanţa, dat in 1930 te zijner ere in Ovidiu werd omgedoopt en nu nog zo heet. Dichter bij het stadscentrum wordt het allemaal iets beter en fleuriger, er is meer geïnvesteerd in restauratie en er zijn meer winkels. We zijn op zoek naar waterkaarten en/of een pilot voor de Donau-delta en daartoe bezoeken we wat boekhandels. Maar verder dan een redelijk gedetaileerde autokaart - ironisch, want er zijn in de delta zelf geen wegen - komen we niet. Op het kantoortje van de havenmeester adviseert men om morgen eens langs te gaan bij de Autoritatea Navală  in de zeehaven. Enfin, in elk geval staan er wat schetsen in "Cruise the Black Sea" van Doreen & Archie Annan (december 2001) die ik in Istanboel kocht. En natuurlijk kunnen we het ook nog in Sulina proberen, het haventje in de middelste arm van de Donau, die we willen opvaren. Het wachten is verder op gunstige wind voor de ruim 90 mijl naar Sulina. Terug naar boven